Cabergoline Teva Comp 2 X 0,5mg
Op voorschrift
Geneesmiddel

Cabergoline Teva Comp 2 X 0,5mg

  € 25,25

information-circle Terugbetaalbaar

Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.

Terugbetalingstarief

€ 25,25 (6% inclusief btw)

Verhoogde tegemoetkoming

€ 25,25 (6% inclusief btw)

Belangrijke informatie

Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.

Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt

  € 25,25
Op bestelling

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Algemeen: Cabergoline moet met voorzichtigheid toegediend worden aan patiënten met een ernstige cardiovasculaire ziekte, leveraandoeningen (zie rubrieken 4.2, 4.3 en 5.2), nierfunctiestoornis (zie rubrieken 4.4 en 5.2), hypotensie, syndroom van Raynaud, ulcus pepticus of gastro-intestinale bloeding, of patiënten met een voorgeschiedenis van ernstige, in het bijzonder psychotische, mentale stoornissen. De effecten van alcohol op de globale tolerantie van cabergoline zijn momenteel onbekend. Hypotensie Symptomatische en posturale hypotensie kan optreden binnen de 6 uur na de toediening van cabergoline: bijzondere aandacht is vereist bij de toediening van cabergoline samen met andere geneesmiddelen die bekend staan als bloeddrukverlagend. Omwille van zijn eliminatiehalfwaardetijd, kunnen de hypotensieve effecten enkele dagen na het stopzetten van de behandeling aanhouden. Monitoring van de behandeling met regelmatige bloeddrukcontroles is aanbevolen tijdens de eerste 3-4 dagen na het opstarten van de behandeling. Slaperigheid/plotse slaapaanvallen: Cabergoline werd in verband gebracht met slaperigheid. Dopamine-agonisten kunnen geassocieerd zijn met episoden van plotse slaapaanvallen bij patiënten met de ziekte van Parkinson. Een dosisverlaging of een stopzetting van de behandeling kan overwogen worden (Zie rubriek 4.7). Fibrose en hartklepaandoening en mogelijk daaraan gerelateerde klinische verschijnselen: Na langdurig gebruik van ergotderivaten met agonistische werking op de serotonine 5HT2B-receptor (zoals cabergoline) traden fibrotische en serosale ontstekingsaandoeningen op zoals pleuritis, pleurale effusie, pleurale fibrose, longfibrose, pericarditis, pericardiale effusie, hartklepaandoening waarbij één of meer kleppen (aorta, mitralis en tricuspidalis) betrokken waren of retroperitoneale fibrose. In een aantal gevallen verbeterden de symptomen of uitingen van hartklepaandoeningen na stopzetting van cabergoline. De erytrocytensedimentatiesnelheid (ESR) blijkt abnormaal verhoogd te zijn bij pleurale effusie/fibrose. Radiografie van de thorax wordt aanbevolen in gevallen van onverklaarde toenames van de ESR tot abnormale waarden. Hartklepaandoening is in verband gebracht met cumulatieve doseringen. Daarom moeten patiënten met de laagst werkzame dosering behandeld worden. Bij elk bezoek moet de balans van risico´s en voordelen voor de patiënt opnieuw worden beoordeeld om vast te stellen of verdere behandeling met cabergoline gepast is. Voor aanvang van langdurige behandeling: Alle patiënten moeten een cardiovasculair onderzoek ondergaan, inclusief echocardiogram, om de mogelijke aanwezigheid van een asymptomatische klepziekte vast te stellen. Het is ook raadzaam om voorafgaand aan het begin van de behandeling baselineonderzoeken te doen naar de erythrocytensedimentatiesnelheid en andere ontstekingsmarkers, longfunctie/radiografie van de thorax en nierfunctie. Het is niet bekend of behandeling met cabergoline bij patiënten met valvulaire regurgitatie de onderliggende aandoening kan verergeren. Als een fibrotische klepziekte wordt vastgesteld, mag de patiënt niet met cabergoline behandeld worden (zie rubriek 4.3). Tijdens langdurige behandeling: Fibrotische aandoeningen kunnen zich sluipend ontwikkelen. Patiënten moeten regelmatig gecontroleerd worden op mogelijke verschijnselen van progressieve fibrose. Daarom moet tijdens de behandeling aandacht besteed worden aan tekens en symptomen van:  Pleuropulmonale ziekte, zoals dyspnoe, kortademigheid, aanhoudend hoesten of pijn op de borst.  Nierinsufficiëntie of urethrale/abdominale vasculaire obstructies waarbij pijn in de lenden/zij kan optreden, en oedeem in de onderste ledematen, en ook elke mogelijke ophoping of gevoeligheid in de buik die kan duiden op retroperitoneale fibrose.  Hartfalen; gevallen van valvulaire en pericardiale fibrose hebben zich vaak geuit als hartfalen.Daarom moeten valvulaire fibrose (en constrictieve pericarditis) worden uitgesloten als zulke symptomen zich voordoen. Klinisch diagnostische controle op de ontwikkeling van fibrotische aandoeningen is, waar van toepassing, van essentieel belang. Na het instellen van de behandeling moet het eerste echocardiogram binnen 3-6 maanden gemaakt worden. Daarna moet de frequentie van echocardiografische controle bepaald worden door een geschikte individuele klinische beoordeling met nadruk op de bovengenoemde tekens en symptomen, maar moet tenminste elke 6 tot 12 maanden plaatsvinden. De behandeling met cabergoline moet worden stopgezet als op een echocardiogram een nieuwe of verergerde valvulaire regurgitatie, valvulaire restrictie of klepbladverdikking te zien is (zie rubriek 4.3). Op individuele basis moet de noodzaak van verdere klinische controle (bv. lichamelijk onderzoek met cardiale auscultatie, radiografie, CT-scan) worden bepaald. Aanvullende geschikte onderzoeken zoals erytrocytensedimentatiesnelheid en metingen van de serumcreatinine moeten zo nodig worden uitgevoerd om de diagnose van een fibrotische aandoening te ondersteunen. Psychiatrische stoornissen: Patiënten dienen op regelmatige basis onderzocht te worden op een ontwikkeling van stoornissen in de impulsbeheersing. Patiënten en verzorgers moeten erop gewezen worden dat gedragssymptomen van stoornissen in de impulsbeheersing, zoals pathologisch gokken, een verhoogd libido, hyperseksualiteit, dwangmatige uitgaven of aankopen, een eetbuienstoornis en een compulsieve eetstoornis, kunnen voorkomen bij patiënten die behandeld worden met dopamine antagonisten, waaronder cabergoline. Indien deze symptomen zich voordoen, dient een verlaging van de dosering/ geleidelijke afbouw overwogen te worden. Remming/onderdrukking van de fysiologische lactatie: Een eenmalige dosis van 0,25 mg cabergoline mag niet overschreden worden bij lacterende vrouwen die behandeld worden voor onderdrukking van een al ingestelde lactatie om potentiële posturale hypotensie te vermijden zie rubriek 4.2). Ernstige bijwerkingen bij postpartum vrouwen Bij postpartum vrouwen die werden behandeld met cabergoline voor remming van lactatie zijn ernstige bijwerkingen gemeld waaronder hypertensie, myocardinfarct, aanvallen, beroerte of psychische stoornissen. Bij sommige patiënten werd het ontstaan van aanvallen of beroerte voorafgegaan door ernstige hoofdpijn en/of voorbijgaande visuele stoornissen. De bloeddruk dient zorgvuldig te worden gecontroleerd tijdens de behandeling. Als hypertensie, suggestieve pijn op de borst, ernstige, progressieve of aanhoudende hoofdpijn (met of zonder visuele stoornissen) of aanwijzingen van toxiciteit van het centrale zenuwstelsel ontstaan, dient cabergoline te worden gestaakt en de patiënt onmiddellijk te worden geëvalueerd. Behandeling van hyperprolactinemie: Aangezien hyperprolactinemie gepaard gaande met amenorroe/galactorroe en infertiliteit geassocieerd kan zijn met tumoren in de hypofyse, is een volledige evaluatie van de hypofyse aangewezen voordat de behandeling met cabergoline wordt ingesteld. Cabergoline herstelt de ovulatie en de fertiliteit bij vrouwen met hyperprolactinemische hypogonadisme. Voor de toediening van cabergoline moet zwangerschap uitgesloten worden. Omdat de klinische ervaring nog beperkt is en het product een lange halfwaardetijd heeft, is het als voorzorgsmaatregel aanbevolen dat vrouwen met een zwangerschapswens, nadat ze een ovulatoire cyclus hebben bereikt, een maand voor de gewenste conceptie de behandeling met cabergoline stopzetten. Omdat er een zwangerschap kan ontstaan voordat de menstruatie weer begonnen is, wordt een zwangerschapstest aanbevolen minstens om de 4 weken tijdens de periode van amenorroe. Als de menstruatie weer begonnen is, wordt een zwangerschapstest aanbevolen elke keer als de menstruatie meer dan 3 dagen over tijd is. Vrouwen wordt aangeraden om mechanische anticonceptie te gebruiken tijdens de behandeling met cabergoline en gedurende minstens 1 maand na het staken van cabergoline.

- Inhibitie van de lactatie om medische redenen.

- Stoornissen die gepaard gaan met hyperprolactinemie.

- Hypofyse adenomata die gepaard gaan met prolactinesecretie.

- Idiopatische hyperprolactinemie.

Het is aangewezen dat het geneesmiddel initieel wordt voorgeschreven door een geschikte specialist ofna consultatie van een specialist.

Elke tablet bevat 0,5 mg cabergoline.

Hulpstof met bekend effect: lactose 75,8 mg7

  • Lijst van hulpstoffen:

Watervrij lactose

L-Leucine

Magnesiumstearaat (E572)

Gebruikt u nog andere geneesmiddelen? Gebruikt u naast Cabergoline Teva nog andere geneesmiddelen, heeft u dat kort geleden gedaan of gaat u dit misschien binnenkort doen? Vertel dat dan uw arts of apotheker. Sommige geneesmiddelen die gebruikt worden om de bloeddruk te verlagen en sommige geneesmiddelen (bv. fenothiazines, butyrofenonen, thioxantheen) die gebruikt worden voor de behandeling van psychologische ziekten (schizofrenie of psychosen) kunnen de effecten van dit geneesmiddel belemmeren als ze gelijktijdig worden ingenomen. De behandelende arts moet bijgevolg op de hoogte zijn van deze gelijktijdig ingenomen medicatie. Andere geneesmiddelen, zoals andere ergotalkaloïden, middelen tegen braken (metoclopramide) en antibiotica van de groep van de macroliden (zoals erythromycine) kunnen de activiteit en de tolerantie van Cabergoline Teva beïnvloeden. Gecombineerd gebruik van cabergoline en bloeddrukverlagende geneesmiddelen kan leiden tot een verlaging van de bloeddruk. Dit kan uw reactievermogen aantasten. Daarom wordt aanbevolen dat u zich onthoudt van activiteiten die een hoge mate van alertheid vereisen (zie "Rijvaardigheid en het gebruik van machines").

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben. Niet iedereen krijgt daarmee te maken.

Bij gebruik voor het onderdrukken van de moedermelkproductie hebben ca. 14 op de 100 patiënten enige vorm van bijwerkingen. De meest voorkomende bijwerkingen zijn lage bloeddruk, duizeligheid en hoofdpijn.

Bij de behandeling van verhoogde prolactinespiegels komen bijwerkingen vaker voor naarmate de tabletten voor een langere periode worden ingenomen. Ongeveer 70 op de 100 patiënten krijgen dan bijwerkingen, maar na ca. 2 weken verdwijnen ze meestal of nemen ze af.

Ernstige bijwerkingen

Zeer vaak (kunnen zich voordoen bij meer dan 1 van de 10 personen)

• Aandoeningen van de hartkleppen en gerelateerde aandoeningen, bijv. ontsteking (pericarditis) of lekkage van vocht in het hartzakje (pericardiale effusie). De vroege symptomen kunnen een of meer van de volgende zijn: ademhalingsmoeilijkheden, kortademigheid, bonzend hart, zich flauw voelen, pijn op de borst, rugpijn, bekkenpijn of gezwollen benen. Als u een van deze symptomen ervaart, neem dan onmiddellijk contact op met een arts of de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

Soms (kunnen zich voordoen bij tot 1 van de 100 personen)

• Pijn op de borst, kortademigheid, hoesten en koorts als gevolg van vocht in de lagen van het membraan langs de longen en borstholte (pleurale effusie). Neem onmiddellijk contact op met een arts of de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

• Toegenomen kortademigheid door vorming van littekenweefsel in de longen (fibrose die de longen aantast). Neem onmiddellijk contact op met een arts of de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

• Ontwikkeling van een wijdverspreide jeukende uitslag, ademhalingsmoeilijkheden met of zonder piepende ademhaling, flauwvallen, onverklaarbare zwelling van het lichaam of de tong of andere symptomen die snel lijken op te treden na het innemen van dit geneesmiddel en u een onwel gevoel geven. Deze kunnen wijzen op een allergische reactie. Neem onmiddellijk contact op met een arts of de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

Zeer zelden (kunnen zich voordoen bij tot 1 op de 10.000 mensen)

• Kortademigheid en hoesten door vorming van littekenweefsel in de lagen van het membraan langs de longen en borstholte (pleurale fibrose). Neem onmiddellijk contact met de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald)

• Pijn op de borst, mogelijk met uitstralende pijn in de arm en nek en kortademigheid door slechte bloedtoevoer naar de hartspier. Neem onmiddellijk contact op met de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

• Verzwakte ademhaling, blauwachtige lippen en nagels. Neem onmiddellijk contact op met de dichtstbijzijnde spoedafdeling van het ziekenhuis.

• Psychische stoornissen (agressief gedrag, hallucinaties, waanideeën, psychotische stoornis). Neem onmiddellijk contact op met een arts.

• U kunt de volgende bijwerkingen krijgen:

Onvermogen om de impuls, drang of verleiding te weerstaan om een handeling uit te voeren die schadelijk kan zijn voor u of anderen, zoals:

o Veranderde of toegenomen seksuele interesse en gedrag waar u of anderen zich grote zorgen over maken, bijvoorbeeld een verhoogde seksuele drang.

o Oncontroleerbaar overmatig winkelen of geld uitgeven.

o Eetbuien (het eten van grote hoeveelheden voedsel in korte tijd) of dwangmatig eten (meer eten dan normaal en meer dan nodig is om uw honger te stillen).

Vertel het uw arts als u een van deze gedragingen ervaart; ze zullen manieren bespreken om de symptomen te beheersen of te verminderen.

Andere bijwerkingen

Zeer vaak (kunnen zich voordoen bij meer dan 1 van de 10 personen)

• duizeligheid/draaierigheid, hoofdpijn.

• misselijkheid, indigestie, maagpijn, ontsteking van het maagslijmvlies (gastritis).

• zwakte, vermoeidheid.

Vaak (kunnen zich voordoen bij tot 1 van de 10 personen)

• depressie.

• slaperigheid (extreme sufheid).

• lage bloeddruk (die kan leiden tot duizeligheid, in het bijzonder bij het opstaan), warmteopwellingen / roodheid in het gelaat.

• braken, constipatie.

• pijn in de borsten (mastodynie).

Soms (kunnen zich voordoen bij tot 1 van de 100 personen)

• versterkt libido.

• tijdelijk gedeeltelijk gezichtsverlies, bewustzijnsverlies.

• tintelende en/of prikkelende gevoelens in het lichaam.

• een krachtige hartslag die snel of onregelmatig kan zijn.

• problemen met de bloedvaten in vingers en tenen (vasospasme).

• flauwvallen.

• kortademigheid, neusbloedingen.

• huiduitslag, haaruitval.

• krampen in de benen.

• zwelling door vochtophoping in de weefsels (oedeem), zwelling in voeten, enkels en handen.

• afname van de hemoglobinewaarden bij vrouwen van wie de menstruatie was gestopt en vervolgens weer opgestart.

Zelden: ( kunnen zich voordoen bij tot 1 van de 1.000 personen)

• pijn in het bovenste centrale deel van de buik.

Wanneer mag u dit geneesmiddel niet gebruiken?

 u bent allergisch voor cabergoline, andere ergotalkaloïden (bijv. bromocriptine) of een van de andere stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6 van deze bijsluiter.

 als u lijdt (of heeft geleden) aan een psychose of als er een risico op psychose bestaat na een bevalling.

 als uw handen en voeten opzwellen en u een hoge bloeddruk heeft tijdens uw zwangerschap (pre-eclampsie, eclampsie).

 als u een ongecontroleerde hoge bloeddruk heeft of een hoge bloeddruk na een bevalling.

 als u in het verleden een diagnose hebt gehad van fibrose, die de longen, de regio achter de buik en nieren of het hart treft.

 als u aan een ernstige vermindering van de leverfunctie lijdt.

 als u langdurig behandeld zult worden met cabergoline en u fibrotische reacties (littekenweefsel) heeft/heeft gehad die uw hart hebben aangetast.

4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Zwangerschap Er zijn geen adequate en degelijke gecontroleerde onderzoeken naar het gebruik van Cabergoline Teva tijdens de zwangerschap. Uit dieronderzoek zijn geen teratogene effecten gebleken, maar embryotoxiciteit en verminderde vruchtbaarheid als gevolg van de farmacodynamische activiteit werden waargenomen. In een observationele studie gedurende 12 jaar over de resultaten van zwangerschappen na behandeling met cabergoline, is informatie beschikbaar over 256 zwangerschappen. Zeventien van deze 256 zwangerschappen (6,6%) liepen af met ernstige congenitale malformaties of abortus. Er is informatie beschikbaar over 23/258 zuigelingen die in totaal 27, zowel ernstige als niet ernstige, neonatale afwijkingen hadden. Musculoskeletale malformaties waren de meest frequente neonatale afwijking (10), gevolgd door cardiopulmonale afwijkingen (5). Er is geen informatie beschikbaar over perinatale stoornissen of de ontwikkeling op lange termijn van zuigelingen die intra-uterien blootgesteld waren aan cabergoline. Op basis van recent gepubliceerde literatuur is de prevalentie van ernstige congenitale afwijkingen in de algemene populatie 6,9% of hoger. De percentages van congenitale afwijkingen variëren in verschillende populaties. Het is niet mogelijk om precies te bepalen of er een verhoogd risico bestaat aangezien er geen controlegroep werd ingesloten. Effectieve niet-hormonale anticonceptie wordt aanbevolen tijdens de behandeling en gedurende ten minste 4 weken na het stoppen van de behandeling met cabergoline. Cabergoline mag alleen gebruikt worden tijdens de zwangerschap als dat duidelijk geïndiceerd is en na een nauwkeurige afweging van de voordelen tegen de risico's (zie rubriek 4.4). Vanwege de lange halfwaardetijd van het geneesmiddel en de beperkte gegevens over blootstelling in utero, moeten vrouwen die van plan zijn om zwanger te worden één maand vóór de geplande conceptie stoppen met cabergoline. Als de conceptie zich voordoet tijdens de behandeling, moet de deze stopgezet worden zodra de zwangerschap bevestigd is om de foetale blootstelling aan het geneesmiddel te beperken. Bij wijze van voorzorgsmaatregel dient bij vrouwen die zwanger worden een onderzoek verricht te worden naar eventuele tekens van hypofysevergroting aangezien bestaande tumoren van de hypofyse tijdens de zwangerschap kunnen uitbreiden. Borstvoeding Bij de rat worden cabergoline en/of zijn metabolieten uitgescheiden in de moedermelk. Er is geen informatie beschikbaar over de uitscheiding in de moedermelk bij de mens; moeders worden echter aangeraden om geen borstvoeding te geven in geval van mislukte remming/onderdrukking van de lactatie door cabergoline. Aangezien het de lactatie voorkomt, mag cabergoline niet toegediend worden aan moeders met hyperprolactinemische stoornissen die hun kind borstvoeding willen geven. Vruchtbaarheid Bij ratten, bij wie prolactine belangrijk is voor de innesteling, heeft cabergoline een verwacht effect op de vruchtbaarheid aangetoond (verminderde innesteling). Cabergoline herstelt de ovulatie en de fertiliteit bij vrouwen met hyperprolactinemie te wijten aan hypogonadisme, aangezien er een zwangerschap kan optreden vooraleer de menstruatiecyclus genormaliseerd is, is een zwangerschapstest aanbevolen tijdens de periode van amenorroe en, eens de maandstonden terug begonnen zijn, telkens een menstruele periode uitgesteld is met meer dan 3 dagen (zie rubriek 4.4). Vrouwen, dienen geadviseerd te worden om een doeltreffende niet-hormonale anticonceptie te gebruiken tijdens de behandeling met cabergoline en gedurende ten minste 4 weken na stopzetting van de behandeling met cabergoline. Wegens beperkte gegevens over de veiligheid van de foetale blootstelling aan cabergoline, is het aangewezen dat vrouwen die zwanger wensen te worden tot ten minste 1 maand na het stopzetten van de cabergoline behandeling wachten.

Dosering

- Volwassenen:

Behandeling van stoornissen die gepaard gaan met hyperprolactinemie:

De aanbevolen startdosis van cabergoline bedraagt 0,5 mg per week, als één enkele dosis of verdeeldover twee dosissen (bv. op maandag en donderdag) per week. De wekelijkse dosis dient geleidelijk teworden verhoogd, bij voorkeur door het toevoegen van 0,5 mg cabergoline per week met intervallen vanéén maand, tot een optimale therapeutische respons wordt verkregen.

De therapeutische dosis bedraagt gewoonlijk 1 mg cabergoline per week en varieert van 0,25 mg tot2 mg cabergoline per week. Bij patiënten met hyperprolactinemie zijn dosissen tot 4,5 mg cabergolineper week aangewend.

De wekelijkse dosis kan als een enkelvoudige toediening worden gegeven of verdeeld worden overtwee of meer dosissen per week, afhankelijk van de tolerantie van de patiënt. In geval de wekelijksedosis meer dan 1 mg cabergoline bedraagt, is het aanbevolen de wekelijkse dosis over meerderetoedieningen te spreiden omdat de tolerantie van dosissen groter dan 1 mg cabergoline als eenenkelvoudige wekelijkse dosis slechts bij een klein aantal patiënten is bestudeerd.

Patiënten dienen geëvalueerd te worden tijdens dosisverhoging teneinde de laagst mogelijketherapeutische dosis te bepalen.

Inhibitie van de lactatie:

Cabergoline moet toegediend worden gedurende de eerste 24 uur post-partum. De aanbevolentherapeutische dosis bedraagt 1 mg cabergoline, als een enkelvoudige dosis.

De maximale dosering van 3 mg per dag cabergoline mag niet worden overschreden.

- Patiënten met lever- of nierfalen:

Inhibitie/onderdrukking van fysiologische borstvoeding:

Een enkele dosis van 0,25 mg cabergoline mag niet overschreden worden in vrouwen die borstvoedinggeven en behandeld worden voor de onderdrukking van reeds begonnen melkproductie om mogelijkeposturale hypotensie te voorkomen.

- Pediatrische populatie:

De veiligheid en werkzaamheid van cabergoline is niet bevestigd bij jongeren van minder dan 16 jaar.

- Ouderen:

Gelet op de indicaties waarvoor cabergoline wordt voorgesteld, is de ervaring bij ouderen zeer beperkt.De beschikbare gegevens wijzen op geen bijzonder risico.

Wijze van toediening

Cabergoline moet oraal toegediend worden.

Het is aanbevolen om cabergoline in te nemen tijdens de maaltijden voor alle therapeutische indicatiesom het risico op gastro-intestinale bijwerkingen te reduceren.

CNK 2410967
Organisaties Arega Pharma NV, Teva Belgium
Merken Teva
Breedte 43 mm
Lengte 41 mm
Diepte 73 mm
Hoeveelheid verpakking 2
Actieve ingrediënten cabergoline
Behoud Kamertemperatuur (15°C - 25°C)